Interview met Hans van der Weijden

Functie: 1e graads docent medische vakken/echografisthans_024.jpg

 
1. In welke zin heeft u te maken (gehad) met borstkanker?
Mijn vrouw heeft borstkanker gehad en beroepsmatig kom ik in aanraking met (ex)-borstkankerpatiënten.

2. Wordt erover gesproken binnen de familie/uw relatie/gezin?
Doordat mijn vrouw de ziekte heeft doorgemaakt, zijn we er als gezin mee geconfronteerd en hebben we er, als de situatie zich voordeed, over gesproken.

3. Wat vindt u van een lichaam met een borst minder?
Simpel gezegd: prima. Ik heb daar geen enkel probleem mee. Voor mij is het belangrijkste dat de ziekte uit het lichaam van mijn vrouw is en dat zij zich goed voelt in haar lichaam. Ze blijft voor mij dezelfde vrouw waar ik verliefd op werd. Een borst minder, oftewel een litteken, is voor mij natuurlijker dan een prothese of de meeste reconstructies.

4. Welke keuze zou u maken als het u/of uw partner zou overkomen? U heeft de keuze uit drie mogelijkheden: prothese, reconstructie, ontboezeming.
Ik zou net als bij het antwoord op vraag 3 kiezen voor ontboezeming. Reconstructie kan vele complicaties met zich meebrengen en het uiteindelijke resultaat blijft in vrijwel alle gevallen asymmetrie geven. Ook is de revalidatie veel langer. Een prothese vind ik onnatuurlijk en vrouwonvriendelijk.

5. Wilt u nog iets aan mij vragen?
Nee, want we hebben vele gesprekken gevoerd en ik denk te weten hoe zij in het proces zit.